Pijler 2 Gezamenlijke focus op veiligheid
Module Onderzoek & analyse

Onderzoek verschillend per fase

Verschil tussen acute en structurele onveiligheid

Als er sprake is van structurele onveiligheid, werken we gefaseerd en methodisch samen. Structurele en acute onveiligheid zijn verschillende dingen. Bij acute onveiligheid is het slachtoffer op dit moment in ernstig gevaar. Dan onderzoeken we niet, maar handelen we direct om het slachtoffer veilig te stellen. Denk aan het bellen van 112. Nadere uitwerking vind je in Bijlage 1. Bij structurele onveiligheid wordt een slachtoffer herhaald of chronisch aan onveilig gedrag blootgesteld. Onder een acuut onveilige situatie ligt vrijwel altijd een patroon van structureel geweld. Dat vraagt, als de acute crisis voorbij is, om zorgvuldig onderzoek. Dat start met de fase van directe veiligheid, die vaak wordt verward met acute onveiligheid. In de fase van directe veiligheid willen we het patroon van zich herhalend onveilig of gewelddadig gedrag stoppen. Pas als dit lukt, ontstaat er ruimte om te werken aan de onderliggende oorzaken. 

Verschillend te bereiken resultaat per fase bepaalt de inhoud van onderzoek en analyse

In onderstaande verbeelding staat het beoogde resultaat per fase weergegeven. Onze onderzoeksvragen zijn daarmee telkens in lijn en hebben dus in iedere fase een andere inhoud. Ze leiden telkens tot een systeemgerichte analyse op grond waarvan oplossingen bedacht en afspraken gemaakt worden.

De fase van directe veiligheid

In de fase van directe veiligheid is het stoppen van het onveilige c.q. gewelddadige gedrag van de pleger ons doel. Het gaat hier dus (nog) niet om de aan het gedrag onderliggende oorzaken, maar (enkel) om het gedrag zelf. Het geweld in het hier en nu, en niet de toekomst, is onze focus.

Zoals beschreven, starten we iedere fase met het verzamelen van informatie. In deze fase resulteert ons onderzoek in een geweldanalyse op basis van een veiligheidstaxatie. Op basis daarvan maken we een veiligheidsplan. We onderzoeken en analyseren de aard, de impact en de ernst van het onveilige gedrag. Op basis van de eerste informatie betrekt de betrokken professional de benodigde collega’s. We spreken alle gezinsleden en de betrokken hulpverleners apart of waar mogelijk in grotere samenstellingen.

Denk aan een ouder met een alcoholverslaving die onder invloed van drank ongecontroleerd heftig gaat huilen als de kinderen volgens de omgangsregeling bij hem zijn. De kinderen worden hier bang van. Dan is de afspraak met deze ouder dat hij voorafgaand en tijdens het bezoek van de kinderen niet te drinkt. En de afspraak is ook dat de kinderen naar de buurvrouw gaan als de ouder zich niet aan de afspraak houdt en de buurvrouw de kinderen dan terugbrengt naar de andere ouder.

Geweldsanalyse

Als onderdeel van de geweldsanalyse brengen we eerst in beeld wat de aard van het geweld binnen de relatie c.q. in het gezin is. Wat is het overheersende geweldspatroon? ‘Geweld door stress’ of ‘Controle en dwang’? En welke vorm heeft het geweld? Kennis van de verschillende vormen van huiselijk geweld is belangrijk om deze te kunnen signaleren, bespreken en er in het veiligheidsplan recht aan te doen. De vormen van geweld zijn te vinden in de veiligheidstaxatie1 van Veilig Thuis en ook in de gezinsprofielen van de module Vakkennis2 zijn ze opgenomen. Ten tweede onderzoeken we wat de impact van het geweld van de pleger is op de partner, de (eventuele) kinderen, het ouderschap en het gezin als geheel. Tenslotte wegen we de ernst van het geweld door samen te bepalen wat de meest onveilige gedragingen zijn.

De eerste stappen in de fase van de directe veiligheid komen overeen met de stappen van de meldcode.

Op basis van de geweldsanalyse maken we een gezamenlijk of meerdere individuele veiligheidsplannen voor het gezin, waarin de veiligheidsafspraken worden opgenomen op basis van de geprioriteerde onveilige gedragingen.

Onderzoeksvragen in de fase van directe veiligheid

In deze fase onderzoeken we de volgende vragen:

  • Is er sprake van onveilig c.q. gewelddadig gedrag?
  • Indien ja, wie doet wat tegen wie in welke situatie?
  • Van welk overheersend geweldspatroon lijkt hier sprake?
  • Tot welke schade leidt het gewelddadige gedrag? Wat is de waarneembare impact op het functioneren van de partner; op het ouderschap van de partner, op het functioneren van ieder van de kinderen, op de pleger zelf en op het functioneren van het gezin als geheel?
  • Wat doet de beschermende ouder om zichzelf en de kinderen te beschermen?

De fase van stabiele veiligheid

In de fase van stabiele veiligheid hebben we als doel dat de belangrijkste onderliggende oorzaken geen effect meer hebben op de veiligheid. Dit betekent dat er een half jaar lang geen onveilige incidenten meer zijn geweest.

Denk bij de ouder met de alcoholverslaving aan een afkickprogramma en aan trauma-therapie voor het eigen verleden.

We maken in deze fase een ondersteuningsplan op basis van een verklarende analyse3. Door te starten met een systeemgerichte risicotaxatie krijgen we inzicht in de onderliggende problemen die het gezin vanuit het perspectief van de pleger, zijn of haar partner en de kinderen ervaart en die het steeds opnieuw onveilig maken. Veelvoorkomende risicofactoren zijn bestaansonzekerheid, psychiatrische problematiek, middelengebruik, een verstandelijke beperking, kindproblematiek & opvoedstress, bezitsdrang en controledrift. Je vindt ze terug in de module Vakkennis als onderdeel van de gezinsprofielen. Het is zinvol een risicotaxatie-instrument als checklist te gebruiken. Op basis van de gezamenlijk geprioriteerde risicofactoren en wederom afhankelijk van het overheersende geweldspatroon maken we met het gezin of de individuele gezinsleden ondersteuningsplannen voor stabiele veiligheid.

Onderzoeksvragen in de fase van stabiele veiligheid

Belangrijke onderzoeksvragen in deze fase zijn:

  • Wat zijn de onderliggende problemen binnen het gezin die vanuit het perspectief van de pleger, zijn partner, kinderen en andere betrokkenen steeds opnieuw voor onveiligheid zorgen?
  • Beschrijf voor ieder onderliggend probleem tot welk onveilig gedrag dit leidt.
  • Welke hulp heeft de pleger of het gezin als geheel nodig om deze problemen positief te beïnvloeden, zodat ze niet meer tot huiselijk geweld leiden?
  • Welke hulp en ondersteuning zijn er vanuit het perspectief van de partner en de eventuele kinderen nodig om hun stress af te laten nemen?

De fase van persoonlijke groei

Op het moment dat de onderliggende problemen dusdanig positief zijn beïnvloed dat ze niet meer leiden tot terugval naar huiselijk geweld, gaat de aandacht naar verder met het leven c.q. persoonlijke groei.

Denk bij de ouder met de alcoholverslaving aan het krijgen van dagstructuur en het weer oppakken van het werkbestaan.

We maken in deze fase dus plannen voor persoonlijke groei met zowel de volwassenen als de kinderen. De prioritering wordt gebaseerd op hetgeen voor het betreffende individu het meest van belang is. We vinden dat ieder individu moet kunnen herstellen van wat er gebeurd is. Denk aan herstel van de ontwikkeling, meedoen en (naar vermogen) regie over het eigen leven hernemen. Daar waar structurele ondersteuning nodig is in het voeren van die eigen regie, gaan we daarnaar op zoek. We staan dus stil bij de herstel- en de ontwikkelingsbehoefte van de individuele gezinsleden en bij de mate van regie die passend is zodat ieder verder kan met zijn of haar leven. Van ervaringsdeskundigen leren we dat geweldservaringen thuis levenslange effecten kunnen hebben en kinderen op volwassenen leeftijd de gevolgen mentaal en fysiek ondervinden4. Daarmee is terugkerende toegang tot laagdrempelige hulp belangrijk.

Onderzoeksvragen in de fase van persoonlijke groei

In deze fase zijn de centrale onderzoeksvragen:

  • Wat heeft elk individu binnen het gezin nodig om verder te herstellen van wat er gebeurd is?
  • Wat heeft eenieder nodig om weer tot ontwikkeling te komen en verder te kunnen met hun leven?
  • Wat hebben de volwassenen en kinderen eventueel nodig om meer regie over het eigen leven te krijgen?
  • Is hier structurele ondersteuning bij nodig en in welke vorm?
  • Wat is helpend in het omgaan met toekomstige gebeurtenissen en vragen?
  1. Veilig Thuis. Triage-instrument Veiligheidstaxatie en toewijzing zorg (versie 1.0).
  2. Module Vakkennis, onderdeel van het Handelingskader Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming. (2025).
  3. Hervormingsagenda Jeugd
  4. Felitti, V. J., Anda, R. F., Nordenberg, D., Williamson, D. F., Spitz, A. M., Edwards, V. & Marks, J. S. (1998). Relationship of childhood abuse and household dysfunction to many of the leading causes of death in adults: The Adverse Childhood Experiences (ACE) Study. American Journal of Preventive Medicine, 14, 245-258.