Pijler 1 Kennis van geweldspatronen
Profiel Intieme terreur

Intieme terreur in relatie tot femicide

De homicide timeline1, die is opgesteld door Professor Jane Monckton-Smith en door vele professionals wordt gebruikt, geeft een framework in acht fasen. Die fasering is bedoeld om een risico-inschatting te maken van geweld met dodelijke afloop in relaties van intieme terreur.  Er wordt beschreven hoe een patroon van controle en dwang zich in de tijd ontwikkelt en wat in de verschillende fasen de ‘verschijningsvorm’ is. Hieronder staan de fasen beknopt weergegeven.

Fase 1: achtergrond van de pleger

De pleger heeft een geschiedenis van geweldsincidenten met eerdere partners. Slachtoffers zijn daar soms van op de hoogte, maar geloven het vaak niet of denken dat het bij hen anders zal zijn.

Fase 2: begin van de relatie

In het begin van de relatie is er sprake van ‘love bombing’ en worden er snel stappen gezet, denk aan samenwonen, trouwen of in verwachting raken. De regels van de relatie, zoals de ‘jealousy code’ en de ‘loyalty code’, worden in deze fase al duidelijk gemaakt en het isoleren van het slachtoffer vangt aan. Het doel is het slachtoffer in een afhankelijkheidsrelatie te krijgen.

Fase 3: relatieverloop

In deze fase wordt de relatie gedomineerd door controlerende patronen. Denk aan regels over thuis zijn en beperkingen in bewegingsvrijheid, tracking, bedreigingen en geweld. Het doel is om op zoveel mogelijk levensdomeinen controle te verkrijgen en traditionele genderrollen te versterken, onder meer via financiële controle. Het proces van controle gaat gepaard met rode vlaggen zoals een poging tot verwurging, bedreiging met de dood, geweld tijdens de zwangerschap, gedwongen seks, het onthouden van acute medische zorg, toenemende escalatie en wapenbezit2. Het slachtoffer blijft in de relatie maar verliest gradueel de onafhankelijkheid, het zelfvertrouwen wordt langzaam gebroken en de psychische ontreddering groeit. De impact is groot. De tijdsperiode van deze fase kan een paar weken, maar kan ook vele jaren duren. De hulpverlening raakt vaak in deze periode betrokken.

Fase 4: trigger event

Dit is de belangrijkste fase, waarin een kantelpunt plaatsvindt waarbij meer geweld kan worden gebruikt en grotere risico’s ontstaan op geweld met dodelijke afloop. Wanneer de controlerende partner de controle dreigt te verliezen, kan de partner getriggerd raken door het gedrag van het slachtoffer. De grootste triggers zijn: dreigen om te vertrekken, een affaire of het vermoeden daarvan, het slachtoffer vecht verbaal terug, financiële problematiek, de fysieke of mentale gezondheid van de controlerende partner of het slachtoffer vermindert, plots ontslag of met pensioen gaan.

Fase 5: escalatie

In deze fase escaleert de situatie door de reactie van de controlerende partner op de trigger. Als het slachtoffer de stap zet om uit de relatie te stappen, zal de controlerende partner escaleren naar geweld om weer controle te krijgen over het slachtoffer en de relatie. De tactiek van de controlerende partner kan verschillend zijn. In eerste instantie kan het gaan om smeken, huilen, cadeautjes geven en beloftes doen om te veranderen. Als dit niet helpt gaat het over op stalken, dreigen geweld te gebruiken tegen de partner, de kinderen of een huisdier, dreigen met het plegen van suïcide of het daadwerkelijk plegen van geweld. Het zorgelijke en gewelddadige gedrag van de controlerende partner neemt toe in frequentie en intensiteit. Woede of wanhoop neemt toe. Woorden worden gebruikt als: “Ik laat jou niet gaan”, “Ik kan niet leven zonder jou” of “Als ik jou niet kan hebben, dan mag niemand jou”. Patronen van stalking beginnen vaak hier of nemen toe.

De meeste mensen komen tot fase 5 en blijven schuiven tussen de fasen of gaan uiteindelijk definitief uit elkaar. Als dat niet het geval is, begint het nu heel erg gevaarlijk te worden.

Fase 6: veranderend denken

In deze fase verandert de denkwijze van de controlerende partner. Er worden laatste pogingen gedaan om het goed te maken. De situatie kan kalm blijven of juist intensiveren. Gevoelens van wraak, gerechtigheid of vernedering kunnen meespelen in het besluit om de problemen te ‘oplossen’ door wraak te nemen of de partner te vermoorden. De controlerende partner ziet dat de situatie onomkeerbaar is. Er ontstaat ‘laatste kans denken’. Er wordt over dood gesproken en dit wordt steeds specifieker: denk aan uitspraken als “ik ga je wurgen” of “ik ga je doodschieten”. Of juist uitspraken als: “je hoeft niet bang te zijn” en “ik maak je heus niet dood”. Er kan sprake zijn van het plaatsen van camera’s en afluisterapparatuur, en van het maken van foto’s van momenten waarop iemand aankomt of weggaat, ten behoeve van het verkennen van mogelijkheden voor een wraakactie, waaronder moord. Het slachtoffer maakt zich zorgen omdat de benadering en het gedrag van de pleger verandert. De angst van het slachtoffer wordt ook heftiger in deze fase.

Fase 7: planning

In deze fase verandert het ‘normale’ gedrag van de controlerende partner. De dreiging neemt toe. Er wordt uitgezocht of er mogelijkheden bestaan om de moord te kunnen plegen. Lukt het bijvoorbeeld om het slachtoffer alleen te treffen? De controlerende partner zoekt op internet hoe hij een moord kan plegen en begint met wapens verzamelen om de ander te verwonden of te doden. Wapens zijn vaak specifiek gekocht voor deze gebeurtenis. De pleger dreigt met zelfmoord. Kinderen worden geïsoleerd en/of weggehouden van de andere partner. Soms lijkt het alsof het rustig is geworden. Let op! Dit is stilte voor de storm.

Fase 8: femicide

In de laatste fase wordt de moord gepleegd. Er volgt misschien direct een schuldbekentenis. De moord kan worden gevolgd door zelfmoord van de dader. De moord kan op suïcide, euthanasie, een ongeluk of een natuurlijke dood lijken. De partner geeft het slachtoffer misschien als vermist op. Kinderen zijn soms direct getuige van de moord. De dood van hun moeder heeft een enorme impact3. Kinderen worden volgend op de moord op de moeder zelf soms ook omgebracht.

  1. Monckton Smith, J. (2021). In Control. Dangerous Relationsips and How They End in Murder. Bloomsbury Circus.
  2. Factsheet Intieme Terreur. (2022)
  3. Godwaldt, B. (2025). Aanpakplan: Kinderen van femicideslachtoffers en femicide-overlevers. Blijf Groep. Aanpakplan kinderen van femicide slachtoffers en femicide overlevers