Pijler 3 Grondhouding
Module Relationeel en normerend werken

Dimensie 5: Nabijheid

(a) De grondhouding heeft ook betrekking op hoe ik me als professional opstel – het gaat niet alleen over inzichten. Als ik relationeel werk, moet ik dichtbij willen komen. Maar als ik dichtbij kom, moet ik wel mijn roer recht houden en mét afstand naar mijn werk en mezelf kunnen kijken. Ik wil niet op afstand gaan maar dus met afstand dichtbij komen. Ieder gezin heeft zijn eigen ritme, logica en snelheid: ik moet meebewegen, maar niet met alle winden ‘mee waaien’. Ik moet meebuigen en tegelijk ombuigen. Ik moet bestaande grenzen respecteren, maar tegelijk grensverleggend zijn: niet doorgaan op oude voet. Het leed dat ik zie, mag me aangrijpen. Maar ik moet standvastig mijn professionaliteit blijven uitoefenen. Dat is de balans tussen echt-zijn en een rol vervullen. Beide zijn nodig. Mijn werk bestaat vooral uit balanceren en verstandig ‘doormodderen’ en daarbij koersvast en waakzaam inschikken, bijsturen en stug doorgaan. Ik kan alleen van waarde zijn als ik voor de betrokkene vindbaar, stoorbaar en beschikbaar ben. Hoe strak georganiseerd we ook moeten werken, voor wie er echt in vastzit, telt alleen of er iemand is die je aan de mouw kunt trekken en die daadwerkelijk met begrip en aandacht nabij wil zijn als het erop aankomt. Zie hier de vijfde dimensie van de grondhouding: ik wil nabij zijn, met compassie en vindbaar. En tegelijk weerstand kunnen bieden met gezag, nee zeggen tegen onveilig c.q. gewelddadig gedrag en kunnen ombuigen wat zo niet verder moet gaan.

(b) Ik luister met oprechte aandacht naar de gezinnen waar ik mee werk, ik bezoek hen in hun eigen omgeving, kijk met een open blik naar hun leefgewoonten en normen en waarden, werk zoveel mogelijk samen en ben eerlijk en duidelijk in wat zij van mij wel en niet kunnen verwachten. Ik zorg voor passende nabijheid wanneer nodig en doe dit conform mijn rol. Ik durf gebruik te maken van functionele zelfonthullingen. Ik kan mijn houding en gedrag aanpassen aan de doelstellingen van het gezin en blijf hierbij authentiek.

(c) "Ik heb dagelijks contact met X. Zodra er iets gebeurt, hebben we contact met elkaar: (…) Zij kent alle situaties."

Citaat uit Steketee, M., et al. (2025). Op weg naar verbetering: Actieonderzoek Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming